[pagevisual]

De Ambachtsman, de mens als maker: de werkplaats en de relatie tussen meester en gezel

Door: Marguerithe de Man, programmamanager van In de Wind met een passie voor het ontwerpen van leeromgevingen

Dit is het derde en laatste blog in een drieluik naar aanleiding van het boek , de mens als maker van . Deel 1 leest u hier en deel 2 staat hier.

Vroeger leerde je een vak in een werkplaats als leerling bij een meester. en veranderaars hebben over het algemeen een studie achter de rug en leren het vak  in de werkpraktijk als werknemer van wie veel verwacht wordt. Uit Sennetts verhalen over leren in werkplaatsen destilleerde ik vijf factoren die mede onze leeromgevingen vormgeven.

Kennis leren gebruiken in de cyclus van onderzoeken en oplossen

ontwikkelen is een kwestie van tijd. De 10.000 uur ervaringsregel van leerling naar ‘meester’ is een zeer oude. Ook in de middeleeuwen gebruikten ze deze regel. Een jaar “Sioo” is slechts een druppel op de gloeiende plaat van de 10.000 uren. Toch is het een jaar dat verschil kan maken, zeker gezien het feit dat leren in de praktijk vaak niet zo intensief begeleid wordt als vroeger in werkplaats bij de meester. Gevolg hiervan is dat veel professionals in de praktijk vooral bezig zijn met ‘dingen aan de praat te krijgen’ en niet toekomen aan nadenken over wat ze aan het doen zijn.

Vakmanschap ontwikkelt en verdiept zich als de vakman in een open cyclus komt van problemen onderzoeken en oplossen en daarnaast (nieuwe) kennis leert gebruiken. In die cyclus komen is voor deelnemers aan onze opleidingen altijd even wennen. Ze worden door docenten, coaches en ook mede-deelnemers bevraagt voorbij hun comfortzone. Vaak ongemakkelijk en onwennig maar alleen dan kan het gesprek over en de ontwikkeling van het vakmanschap echt op gang komen.

In een leeromgeving is iedereen meester en leerling

Sennett geeft een mooie definitie van de werkplaats: “De werkplaats is een productieruimte waarin mensen rechtstreeks autoriteitskwesties aanpakken”. Hij verwijst daarmee niet naar wie beveelt en wie gehoorzaamt maar naar vaardigheden als bron van legitimering van gezag. Ook Sioo leeromgevingen hebben vaak het karakter van een werkplaats. Lang niet altijd is de docent daar overigens de meester. Vaak zijn het ook deelnemers die op een specifiek aspect het meesterschap bezitten.

Het leercontract en de gezamenlijke verantwoordelijkheid bepalen het succes voor de deelnemers

Het leerproces tussen meester en gezel is behoorlijk ingewikkeld. De bedoeling is dat er overdracht van kennis en vaardigheden plaatsvindt. Het verhaal over de werkplaats van Stradivari laat zien hoe ingewikkeld. De grote meester Stadivari slaagde er niet in zijn meesterschap over te dragen. Hij nam zijn meesterschap mee zijn graf in. De analyse achteraf is dat Stadivari zich overal mee bemoeide en voortdurend overal aanwijzingen en instructies gaf. Hij maakte zo namelijk nooit zijn impliciete kennis expliciet. In dit verband kan je ook naar de rol van de gezellen kijken. Zij hebben hun grote meester nooit aan zijn jasje getrokken en om tekst en uitleg gevraagd. Het overdragen van die impliciete vakkennis is ingewikkeld want waar moet je beginnen? Om deze reden is het met elkaar contracteren van hoe wij in Sioo leeromgevingen met elkaar leren en werken een belangrijk onderdeel van dat werken.  Net als de voortdurende gezamenlijke verantwoordelijkheid van groep, docent en leermanager over de vraag: werken wij met elkaar op de goede manier aan de taak die wij met elkaar te doen hebben?

Leren aan de hand van uiteenlopende  en eigen rijke verhalen

Docenten en deelnemers die de rol van de meester op zich nemen, staan voor de uitdaging om hun kennis en ervaring op een dusdanige wijze over te dragen dat anderen daarvan kunnen leren. Volgens Sennett  is het gesproken woord daartoe beter geschikt dan een geschreven instructie. Voorwaarde voor de geschreven instructie is dan wel dat het expressieve instructies zijn, een eis die mijn inziens ook van toepassing is op het gesproken woord. Voor Sennett is de werkplaats per definitie een face-to- face werkplaats. Daar denk ik anders over… Online synchroon of a-synchroon kan er ook gewerkt worden aan de ontwikkeling van ons vakmanschap. Sterker nog, online interacteren met anderen, is misschien wel een van de elementen van het vakmanschap van organisatieprofessionals. Terug naar de expressieve instructies. “Niet vertellen, maar laten zien” is een belangrijk credo van Sennett, waarbij hij het heeft over taal. Deelnemers leren zich in een leeromgeving met verschillende leermeesters verhouden tot vele vormen van instructie en maken zich, al werkend, hun persoonlijke manier van verhalen eigen. Zo maken ze hun eigen praktijk zichtbaar aan klanten en vakgenoten. Voortschrijdende ontwikkeling maakt ook dat ze meer en meer gaan zien in geschreven instructies en meer en meer gaan horen in gesproken instructies.

Vakmanschap ontwikkelt zich in de wisselwerking van denken en doen en de herhaling daarin, gekoppeld aan de ervaringen. Dat is de wisselwerking tussen hoofd en hand, die kan je letterlijk nemen, duidelijk bij musici, maar ook wij nemen hem letterlijk. We moedigen schetsen aan als manier van denken en stimuleren schriftelijke reflectie. In het schrijvend reflecteren gaat het niet om mooi proza, hoewel dat natuurlijk wel is meegenomen, maar om het scherper en preciezer worden in het denken en redeneren. Schrijven helpt je denken en levert een tastbaar resultaat op. Niet dat dat daarmee in steen gebeiteld is natuurlijk want in teksten kan je schrappen, aanvullen, wijzigen etc.

Integraal toepassen in de eigen praktijk

Gezien het belang van de wisselwerking tussen denken en doen en herhaling, is het evident dat het hebben van een plek om te doen cruciaal is voor de vak ontwikkeling.  Het mooie van echte plekken om te oefenen is dat het nagenoeg automatisch van een oefenende persoon vraagt dat hij datgene waarmee hij oefent integraal in de praktijk brengt. De vereiste bekwaamheid in coördinatie die het vakmanschap van adviseurs vraagt tussen denken, voelen, luisteren, kijken blijkt zich beter te ontwikkelen als ze samen worden geoefend dan geïsoleerd.

 

Onder onze leeromgevingen ligt een doorontwikkelde ontwerpmethode. We passen meer principes toe dan de bovengenoemde maar deze sprongen mij, in een sociologische verhandeling, wel heel erg in het oog.

Tags: , , ,

Dit bericht is geplaatst op dinsdag 9 september 2014 om 13:13 onder Algemeen, In de Wind, Ontwerpen. U kunt de reacties volgen via de RSS 2.0 RSS-feed. U kunt een reactie achterlaten of een link op uw eigen website plaatsen.

1 reactie op “De Ambachtsman, de mens als maker: de werkplaats en de relatie tussen meester en gezel”

Jan den Elzen zegt:

september 17th, 2014 at 11:43

Door omstandigheden heb ik de drie blogs in een keer gelezen. De inhoud spreekt mij erg aan en ik nu zeker ook het boek lezen. Dank je wel voor de heldere beschrijving.

Geef een reactie